Mijn boeken bestelt u eenvoudig

bij Bol.com

of

boekhandel
Riemer Barth,
Woldstraat 5
in Meppel



Zaterdag 16 juli 2016

Moordtocht telt 89 hoofdstukken plus een proloog. Dat zijn er best veel. Het ene hoofdstuk is wat langer dan het andere, maar ze zijn allemaal relatief kort. Ook heb ik hier en daar een bladzij waarop maar één zin staat. Niet zo mooi eigenlijk, maar het kwam zo uit. Ik heb daar verder niet over nagedacht. Over die hoofdstukken wel. Ik wilde vanuit twee perspectieven schrijven. Die van Chay en die van David. De verhaallijnen van beide hoofdpersonen zigzaggen door elkaar heen. Soms zijn ze wat van elkaar verwijderd, een eindje verderop kruisen ze elkaar weer.
Pasgeleden werd ik hierop aangesproken door verschillende personen. Iemand vond het aantal hoofdstukken heel hoog. Dat had ik misschien anders moeten doen. Ik ging daarover nadenken. Zelf vind ik het heel prettig als een boek uit een heel stel korte hoofdstukken bestaat. Ik lees vaak nog even voor het slapen gaan. Wat ik dan zelf heel vervelend vind is als ik halverwege een hoofdstuk – een verhaal in een verhaal – mijn boek weg moet leggen. Ik lees meestal een minuut of tien tot een kwartier. Dan val ik in slaap of vind dat ik moet gaan slapen, omdat mijn wekker weer vroeg afgaat. Op dit moment lees ik het boek De Honderdjarige Man Die Uit Het Raam Klom En Verdween. Ellenlange hoofdstukken, afgewisseld met korte. Lastig! (vind ik dan)
Nu kreeg ik ook de opmerking van twee anderen.
‘Wat een verademing zeg? Die korte hoofdstukken!’ zei de een, ‘heerlijk een hoofdstuk afronden en als ik zin heb er twee te lezen kan dat, zonder dat ik er uren voor ga zitten.’
‘Nou, dat vond ik ook al!’ beaamde de tweede.
Oke, eerlijkheidshalve moet ik bekennen dat die twee mijn vader en mijn dochter waren. Genetisch bepaald blijkbaar.
Ik ben heel benieuwd wat mijn lezers ervan vinden en wil graag reacties op de stelling:

Korte hoofdstukken versus lange hoofdstukken.